Feedback krijgen en geven

Toegegeven: soms is het even slikken als je negatieve feedback krijgt, oftewel kritiek. Jaren geleden hield zoiets mij soms dagen bezig. Het voelde alsof ikzelf als persoon werd afgekeurd. Inmiddels weet ik dat kritiek mij een kans geeft om te groeien. Een kans om mijzelf bij te sturen, om meer over mijzelf te weten te komen. Het geeft me een frisse blik op mijzelf. En dat besef alleen al maakt het voor mij makkelijker om feedback te krijgen.

Meerderheid wil negatieve feedback

Werknemers lijken er ook zo over te denken, zo blijkt uit onderzoek van Zenger Folkman, een Amerikaans adviesbureau op het vlak van leiderschap. Uit onderzoek onder bijna 900 werknemers blijkt verrassend genoeg dat 57% liever negatieve feedback krijgt. Maar dan de 43% die zegt dat ze de voorkeur geeft aan positieve feedback. Of misschien is deze uitkomst toch niet zo verrassend, want 72% van de respondenten geeft aan dat ze verwacht beter te zullen presteren van negatieve feedback. Maar liefst 92% voegt daar wel aan toe dat de feedback dan wel op een goede manier gegeven moet worden. Werknemers die er vertrouwen in hebben dat hun manager eerlijke, directe en heldere feedback kan geven, zijn meer geneigd de voorkeur te geven aan negatieve feedback.

Wel graag krijgen, liever niet geven

Hoewel het merendeel van de respondenten dus blij is met negatieve feedback, geeft tegelijkertijd een merendeel aan liever geen negatieve feedback te willen geven. Men voelt zich er blijkbaar vaak niet prettig bij en ziet het vooral als iets negatiefs. Maar zeker voor managers is feedback geven een belangrijk onderdeel bij de ontwikkeling van medewerkers. Het hoort wat mij betreft bij goed leiderschap. Ook als feedbackgever moet je je realiseren dat je de ander helpt met je feedback, zolang je het maar op een helpende manier brengt. Hoe je dat doet, lees je in Hoe geef ik helpende feedback? (pdf).

Gerichte feedback vragen

Krijg jij naast je jaarlijkse beoordeling ook weinig feedback van je leidinggevende of collega’s? Vraag er dan gewoon om. Zoek een geschikt en natuurlijk moment en vraag dan om feedback. Bedenk wel eerst waar je graag feedback over wilt hebben. Bedenk gerichte en open vragen, bijvoorbeeld:

  • Wat zie je mij doen waarvan jij denkt dat ik dat beter niet kan doen (of juist meer van moet doen)?
  • Welke eigenschappen zou ik nog beter kunnen inzetten in mijn werk?
  • Hoe denk jij dat ik (klantgerichter, efficienter …) kan werken?
  • Waar zou ik me nog verder in moeten ontwikkelen?

Hoe ga je om met feedback?

Heb je feedback gekregen – gevraagd of ongevraagd – dan ligt het grotendeels aan jou om er een positieve ervaring van te maken. Je kunt het afdoen met een kort ‘Oke’, of je kunt er een open gesprek over aangaan. Niet alleen beter voor jezelf, maar ook voor de ander. Die zal eerder geneigd zijn je nog eens feedback te geven. Zo’n gesprek begint met goed luisteren en doorvragen op vage bewoordingen. Ook kun je vragen naar voorbeelden als de feedbackgever die niet al heeft gegeven. Ga niet in de verdediging en onthoud: jij besluit wat je doet met de feedback die je krijgt. Herken je jezelf er niet in, dan mag je dat ook zeggen. Maar doe dat pas als je het goed tot je door hebt laten dringen en ga bij jezelf na of je jezelf er misschien niet in wilt herkennen. Omdat het je ergens raakt. Wat je er ook mee doet, bedank de ander in elk geval. Want ook al herken je je er niet in, je hebt nagedacht over jezelf en je gedrag. En ook dat draagt bij aan zelfkennis en groei. Meer tips over feedback krijgen, lees je in Hoe neem ik feedback in ontvangst? (pdf).

Vraag jezelf eens af …

Hoe reageer jij op feedback? Wat is jouw eerste reactie en gevoel bij negatieve feedback? Hoe vaak vraag je om feedback? Hoe vind je het om feedback te geven?

En oh ja, geef gerust je feedback op dit artikel.

Bron: Harvard Business Review – blog.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *